Hydraulische kranen

Het hefvermogen van de hydraulische kranen varieerde van 1 tot 120 ton. De verplaatsbare kranen van 1 of 2 ton waren het talrijkst. Er bestonden verschillende types van. De eerste zes kwamen in dienst in 1879 en kregen een plaats aan het huidige Willemdok. Daarna werden ook de dokken en de Scheldekaaien uitgerust met deze technologie. In 1895 stonden er al 100 hydraulische kranen en in 1912 was het aantal opgelopen tot 335.

13 14

PIRAMIDEKRANEN, PORTAALKRANEN,

De piramidekranen hadden de vorm van een afgeknotte piramide waarin een de draaibare giek was opgesteld. Drie zware cilinders met kettingwielen deden de kraan bewegen: één voor het hijsen en twee om te zwenken.

De eerste  portaalkranen werden  in 1883 in gebruik genomen.  Ze stonden  over de spoorlijn opgesteld. Daardoor kon de kaai logischer ingericht worden  en het  bespaarde  energie  want  de giek hoefde nu nog maar 90° te zwenken tussen schip en trein in plaats van 360°.

De portaalpiramidekranen werden   aangekocht om ook hogere schepen te kunnen laden en lossen.

In de collectie van het  MAS zijn twee  hydraulische kranen  bewaard:  portaalkraan 111 (Union Métallurgique, 1907) en portaalpiramidekraan 97 (La Meuse, 1912).

WATERKRACHT VERSUS ELEKTRICITEIT

Rond 1900 werd elektrische  drijfkracht ingevoerd in Antwerpen en vanaf 1907 braken  de elektrische kranen door. Na 1912 werden geen nieuwe hydraulische kranen meer aangekocht.  In 1930  stonden   er evenveel  elektrische  als hydraulische kranen in de haven: 291 van elk. Zeker voor het voorzichtig manipuleren van kleinere lasten hadden de hydraulische kranen hun voordelen.  De laatste  exemplaren bleven in werking tot  1974. Daarmee werd deze technologie hier bijna een eeuw lang gebruikt!